Prioriteiten en indicatoren

Prioriteiten/ beleidsinitiatieven
Arbeidsmarkt

Voor een gezonde economische ontwikkeling is een goed functionerende arbeidsmarkt cruciaal. Meer bedrijvigheid leidt tot meer banen. Werkgevers hebben de banen die werkzoekenden een zelfstandige toekomst kunnen bieden. Het gaat daarbij ook om banen voor mensen met een arbeidsbeperking. De opgave om mensen toe te leiden naar een baan is dan ook alleen uitvoerbaar met bedrijven in de arbeidsmarktregio Rijnmond, sociale partners, onderwijs, regiogemeenten en andere maatschappelijke partners. Alleen samen kunnen gemeente en partners op een effectieve manier werk en werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt bij elkaar brengen.

Beperking van het bijstandsvolume

Beperking van het aantal bijstandsgerechtigden blijft in 2017 onverminderd belangrijk. Het college van B en W investeert in de preventieve aanpak om bijstandsafhankelijkheid te voorkomen en de uitstroom naar werk blijvend te bevorderen. Deze collegeperiode gaan minimaal 12.000 werkzoekenden vanuit een uitkering aan het werk. In 2017 worden hiervan 4.300 overstappen gerealiseerd. Het college van B en W zet in op het lonend maken van werk en het verlagen van drempels voor het aanvaarden van flexwerk. Een beter zicht op de mogelijkheden van de werkzoekenden en op de vraag van werkgevers leidt naar verwachting tot een strakkere aanpak van de mismatch op de arbeidsmarkt.

Dienstverlening

Een stabiele inkomenssituatie stelt Rotterdammers in staat om zelf te werken aan hun arbeidsontwikkeling en re-integratie. Waar mensen dat niet of nog niet zelf kunnen, is een effectieve inkomensondersteuning noodzakelijk. Een tijdige, zorgvuldige, voorspelbare en rechtmatige verstrekking van de uitkering is dan ook de norm. Investeren in de dienstverlening blijft noodzakelijk om de stabiele inkomenssituatie te bewerkstelligen.

Lage loonschalen

Binnen het concern is besloten om het begeleiden van SW-ers, mensen in een garantiebaan en herplaatsingskandidaten in de functieschalen 1-3 te concentreren bij het cluster Werk en Inkomen (W&I). De andere clusters dragen de hiervoor benodigde financiering over aan W&I, W&I is verantwoordelijk voor de inrichting van dit organisatieonderdeel. Voor de middellange termijn wordt een voorstel gemaakt voor een nieuw concernbreed werkgelegenheidsbeleid voor alle lage loonschalen.

Intensieve handhaving

Fraude, misbruik en oneigenlijk gebruik zijn ondermijnende activiteiten die het fundament onder het verstrekken van bijstand weghalen. Door goede handhaving blijft de overheid betrouwbaar en komt de ondersteuning terecht bij de Rotterdammers die deze steun nodig hebben. Daarnaast draagt handhaving bij aan beperking van de uitgaven op de bijstand.

Soort indicator (college-doelstelling, BBV of overig)

Beschrijving indicator

Nulme-ting

Realisatie 2015

Prognose
2016

2017

Naam monitor

College-doelstelling

Uitstroom naar werk

Mijlpaal

n.v.t.

2.500

3.200

4.300

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

JR 2015: 3.611
Peildatum 3/8/2016: 3.800

Realisatie t/m aug
1.799
(peildatum 2/9/2016)

Prognose: 3.500

Overig

Uitgevoerde heronderzoeken rechtmatigheid

Mijlpaal

n.v.t.

3.000

3.000

3.000

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

JR 2015: 3.056

Realisatie t/m aug: 2.001 (peildatum 26/8/2016)

Prognose: 3.000

Overig

Aanvragen levensonderhoud

Mijlpaal

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

19.382 (peildatum 14/1/2015)

Prognose: 19.300

Prognose: 19.400

Overig

Instroom in de bijstand

Mijlpaal

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

11.028 (peildatum 14/1/2015)

Prognose: 10.400

Prognose: 10.670

Overig

Gemiddelde kosten bijstandsuitkering

Mijlpaal

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

14.085 (peildatum: 25/2/2016)

Prognose: 14.130

Prognose: 14.160

Overig

Volume bijstandsuitkeringen

Mijlpaal

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

JR 2015: 38.431 (peildatum: 4/1/2016)

Prognose 39.450

39.450

Overig

Jongeren aan de slag

Mijlpaal

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Monitor Werk en Inkomen

Realisatie (incl. peildatum)

2.854 (peildatum: 16/2/2016)

Prognose: 2.850

Prognose: 2.366

BBV

Aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar

Mijlpaal

LISA

Realisatie

746,5 (2014)

734,5

BBV

Netto arbeidsparticipatie: % van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking

Mijlpaal

CBS

Realisatie

57,9% (2014)

58,4%

BBV

Werkloze jongeren: % 16 t/m 22 jarigen

Mijlpaal

Verwey Jonker Instituut – Kinderen in Tel

Realisatie

2,3%

BBV

Personen met een bijstandsuitkering: Aantal per 10.000 inwoners

Mijlpaal

CBS

Realisatie

1007,5

BBV

Lopende re-integratievoorzieningen: Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar

Mijlpaal

CBS

Realisatie

639,2

BBV

Kinderen in uitkeringsgezin, % kinderen tot 18 jaar

Mijlpaal

Kinderen in Tel Verweij Jonker instituut

Realisatie

17,55% (2012)

N.B.: alle gemeenten zijn in het kader van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht een aantal door het rijk voorgeschreven beleidsindicatoren in hun begroting op te nemen. Dit met oog op onder anderen het vergroten van de onderlinge vergelijkbaarheid tussen gemeenten. Alle gemeenten moeten gebruik maken van dezelfde bronnen en peildata. Deze bronnen (o.a. CBS) bevatten enigszins achterhaalde informatie. Via de website http://www.waarstaatjegemeente.nl/dashboard/ is vergelijking met andere gemeenten mogelijk.

Toelichting indicatoren
  • De uitstroom naar werk is een collegeprioriteit. Gemeten wordt het aantal geregistreerde beëindigde uitkeringen met als reden ‘uitstroom naar werk’. De ‘datum einde uitkering’ is hierbij leidend. Het streefcijfer voor 2017 is 4.300 werkzoekenden die uitstromen naar werk. Voor deze collegeperiode geldt het streven om tot en met 2017 in totaal 12.000 werkzoekenden te laten uitstromen.
  • Voor de indicator ’uitgevoerde heronderzoeken rechtmatigheid’ is het streefcijfer voor 2017 om 3.000 heronderzoeken uit te voeren.
  • De prognose voor het aantal aanvragen, beïnvloed door economische ontwikkeling, is voor 2017 19.400; dit is iets hoger dan 2016.
  • Het college verwacht in 2017 een hogere instroom (10.670) dan in 2016 (10.400), mede als gevolg van de instroom van statushouders en nieuwe doelgroepen.
  • De gemiddelde uitkeringskosten per huishouden worden berekend door de netto uitkeringslasten, verhoogd met de afdracht loonheffing/ziektekosten, te verminderen met de ontvangsten. De effecten van (rijks)maatregelen zijn in de gemiddelde prijs verwerkt.
  • Voor 2016 is een stand per 31 december geprognosticeerd van 39.450 uitkeringen die worden verstrekt vanuit het BUIG-budget. De raming van de eindstand 2016 is gebaseerd op de realisatie tot en met juli 2016. Voor 2017 wordt uitgegaan van een gelijkblijvend volume.
  • In het Rotterdams actieprogramma tegen Jeugdwerkloosheid (Jongeren aan de slag) is als doelstelling geformuleerd het volume jaarlijks te verlagen als resultante van instroom en uitstroom. Bij het bepalen van de doelstelling kon geen rekening gehouden met de toenemende instroom vanuit statushouders en nieuwe doelgroepen. In de verantwoording over de resultaten wordt wel gerapporteerd over de instroom nieuwe doelgroepen.
  • De overige indicatoren zijn de door het ‘nieuwe BBV’ verplichte indicatoren voor werk en inkomen, zoals ook opgenomen in “Waar staat je gemeente.nl”. De (meest recente) informatie heeft betrekking op het jaar 2015.