Ontwikkelingen

Gemeentefonds

De Financiële verhoudingswet (Fvw) regelt de financiële betrekkingen tussen het Rijk, provincies en gemeenten en is voor het laatst in 1996 grondig herzien. De wet vervult een grote rol bij het doorgeven en herverdelen van centraal geïnde belastingen aan lokale overheden. Op dit moment wordt de wet opnieuw bezien. Inzet is om in het voorjaar van 2017 op hoofdlijnen zicht te hebben op een aantal mogelijke varianten van verdeelmodellen. De voor- en nadelen van deze varianten worden in kaart gebracht (zowel kwalitatief als kwantitatief) zonder hieraan een politiek waardeoordeel te koppelen. Het maken van keuzes ten behoeve van de verdere uitwerking van de verdeelsystematiek van het Gemeentefonds is aan een volgend kabinet. Onderdeel van de herziening is een evaluatie van de normeringssystematiek van het Gemeentefonds. Geconstateerd is dat de normeringssystematiek in grote lijnen voldoet aan de gestelde criteria.

Belastingen

Voor de zomer 2016 heeft het kabinet een brief gestuurd aan de gemeenten waarin het aangeeft hoe een verschuiving van rijksbelastingen naar gemeentebelastingen vorm gegeven zou kunnen worden. Een andere ontwikkeling is de afschaffing van de precariobelasting voor nutsnetwerken. Eén en ander wordt toegelicht in de paragraaf Lokale heffingen.

Herziening Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)

In maart 2016 is het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) gewijzigd. Hiermee wordt beoogd om de mogelijkheden tot interne sturing door de gemeenteraad te bevorderen, o.a. door de gegevens tussen gemeenten beter vergelijkbaar te maken. Zo is voorgeschreven dat de begroting voortaan (ook) wordt ingedeeld naar uniforme taakvelden, dat in de begroting een aantal beleidsindicatoren moet worden opgenomen en zijn er nadere eisen gesteld aan de presentatie van de gegevens over de verbonden partijen. Ook is voorgeschreven dat de kosten van overhead op basis van een uniforme definitie worden bepaald en afzonderlijk worden gepresenteerd en dat nieuwe investeringen met een maatschappelijk nut worden geactiveerd en afgeschreven op basis van de verwachte gebruiksduur. De kostendekkendheid van tarieven leges en heffingen moet inzichtelijk worden gemaakt. Voorts zijn er nadere voorschriften en richtlijnen gegeven m.b.t. de verslaggeving over grondexploitaties, het gebruik van het instrument rente i.r.t. investeringen, grondexploitaties en voorzieningen en de financiële kengetallen die al m.i.v. 2016 in de begroting worden gepresenteerd. Tot slot ziet de wijziging ook op de recente inwerkingtreding van de Wet modernisering vennootschapsbelastingplicht overheidsondernemingen.
Met deze begroting wordt aan nagenoeg alle nieuwe voorschriften voldaan. Op korte termijn zal een omissieregeling worden opgesteld, om alsnog te voldoen aan het voorschrift om de kosten van overhead afzonderlijk te presenteren. Dat moment zal ook worden benut om de voorgeschreven indeling van de begroting naar uniforme taakvelden te laten vaststellen. Het streven is om m.i.v. 2018 de programmabegroting direct aan alle BBV-voorschriften te laten voldoen.

Omslagrente

In de gemeentelijke regelgeving is onder andere het renteomslagstelsel geregeld. Het renteomslagstelsel houdt in dat vermogenskosten aan de gemeentelijke producten worden doorberekend op basis van de boekwaarden op de balans. De rente die hiervoor wordt gehanteerd is de omslagrente, deze wordt op basis van langjarige verwachtingen door de gemeente zelf vastgesteld. Met het oog op een stabiel meerjarig begrotingsbeeld streeft de gemeente naar een evenwichtige ontwikkeling van de omslagrente, waarbij eventuele schommelingen in marktrentes slechts gematigd doorwerken. Doordat de uiteindelijke vermogenskosten hoger of lager uitvallen dan de omslagrente, ontstaat er een resultaat. Dit financieringsresultaat wordt verrekend met de financieringsreserve. De gemiddelde rente is de afgelopen jaren sterk gedaald. Hierdoor zijn de gemiddelde vermogenskosten van de gemeente aanzienlijk gezakt en is het mogelijk om de omslagrente te verlagen naar 3% per 1 januari 2017. Het daarbij behorende renteresultaat is al verwerkt in het algemene beeld.

Arbeidsmarkt

In 2016 zien we dat het vacature aanbod binnen onze gemeente en andere organisaties/bedrijven op de arbeidsmarkt aan het aantrekken is. Dit kan perspectief bieden voor de herplaatsingskandidaten.

Begeleiding onderkant loongebouw in één hand

Organisatorisch komt de coördinatie van de werkzaamheden binnen het concern aan de onderkant van het loongebouw in één hand te liggen. Het gaat om de herplaatsingskandidaten loonschalen 1-3, garantiebanen en WSW-ers werkzaam in het concern Rotterdam. Dit leidt tot verschuiving van werkzaamheden van het product Van Werk Naar Werk naar het product Werk en Inkomen.