Actualisatie beleidsitems

Op het terrein van lokale lasten staan in 2017 vooral de volgende beleidsitems en bedrijfsvoeringszaken centraal.

Invoering digitale aanslag

De gemeente Rotterdam heeft in de ‘Kadernotitie dienstverlening en vermindering regeldruk’ als één van de generieke ambities beschreven dat beschikkingen, facturen en aanslagen gedigitaliseerd moeten worden. Deze ambitie sluit aan op de visiebrief van minister Plasterk, waarin hij schrijft dat burgers en bedrijven in 2017 in staat moeten zijn hun zaken met de gemeente zoveel mogelijk digitaal af te handelen. Een van de producten die bij Belastingen in aanmerking komt voor digitalisering is de aanslag gemeentelijke heffingen. Om dit te realiseren is het project ‘de digitale deurmat’ gestart.
Dit project zorgt ervoor dat de burger de aanslag gemeentelijke heffingen digitaal kan ontvangen via de berichtenbox van mijnoverheid.nl. De burger moet zich hiervoor eerst aanmelden. De gemeente wil zoveel mogelijk gebruikmaken van de beschikbare landelijke voorzieningen. Vanuit de berichtenbox wordt een directe koppeling gerealiseerd met MijnLoket, het digitale loket van de gemeente Rotterdam. In juni 2016 is gestart met een pilot met de bedoeling de digitale aanslag gemeentelijke heffingen zo mogelijk in 2017 stadsbreed uit te rollen.

Meervoudig gebruik van gegevens basisregistraties

Rotterdam heeft klantgerichtheid hoog in het vaandel staan. Rotterdam is continu bezig met nieuwe ontwikkelingen. Eén daarvan is dat burgers en ondernemers niet steeds dezelfde gegevens hoeven aan te leveren bij de verschillende afdelingen binnen de gemeente. In plaats daarvan moet de gemeentelijke organisatie deze gegevens intern delen. Voor de gegevens uit de BasisRegistratie Personen (BRP) is dat al geruime tijd het geval. Daarnaast zijn verschillende nieuwe koppelingen in ontwikkeling:

  • Koppeling BAG-WOZ: dit betreft de koppeling van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen met de WOZ-administratie. Daarmee gaat de gemeente voor de waardebepaling van onroerende objecten uit van de BAG-gegevens.
  • Koppeling NHR: de aansluiting van gemeentelijke gegevens op de Basisregistratie Bedrijven in de vorm van het Nationaal Handelsregister dat is ondergebracht bij de Kamers van Koophandel. Het gaat hierbij om de gegevens van bedrijven.
  • Koppeling BRK: dit gaat om de aansluiting op de BasisRegistratie Kadaster, voor de eigendomsgegevens van onroerend goed.

In al deze gevallen voldoet de gemeente ruim voor de datum van verplichtstelling aan de nieuwe wettelijke bepalingen. Hiermee maakt de gemeente snellere stappen om de kwaliteit van de eigen processen en van de dienstverlening aan onze klanten te verbeteren.

E-dienstverlening en Mijn Loket

Met het oog op verdere digitalisering van de dienstverlening heeft Rotterdam ‘Mijn Loket’ ontwikkeld. Via Mijn Loket kunnen Rotterdammers gemeentezaken digitaal regelen. Ook kunnen ze bijna alle belastingzaken via Mijn Loket regelen.
Rotterdam sluit zo veel mogelijk aan op landelijke ontwikkelingen. Mijnoverheid.nl is daarvan een goed voorbeeld. Het project ‘Digitale deurmat’ sluit daarop aan. De gemeente heeft de ambitie om in de loop van 2017 ook taxatieverslagen via mijnoverheid.nl ter beschikking te stellen.

Wijziging woningwaarderingsstelsel

De rijksoverheid heeft het woningwaarderingsstelsel per 1 oktober 2015 veranderd. Met ingang van die datum heeft de WOZ-waarde een belangrijke invloed op het aantal punten voor de woning en daarmee op de maximaal redelijke huurprijs. Deze wijziging heeft daarmee gevolgen voor de uitvoering van de Wet WOZ. Huurders van woningen krijgen namelijk veel vaker een formeel belang bij de WOZ-waarde van de woning waarin zij wonen.

In Rotterdam heeft het college ervoor gekozen dat alle gebruikers van woningen een beschikking krijgen. Ze krijgen met de aanslag afvalstoffenheffing tegelijkertijd de WOZ-beschikking van hun huurwoning. De verwachting is dat het aantal bezwaren zal stijgen, doordat de huurders een formeel belang zullen hebben bij de WOZ-waarde van hun woning. Een schatting van het aantal bezwaren en van de hieraan verbonden extra uitvoeringskosten is op het moment van samenstelling van deze begroting nog niet te maken. In 2016 zijn beschikkingen verzonden, maar omdat een eventueel effect voor de huurverhoging pas ruimschoots na de bezwaarperiode is opgetreden zegt het aantal bezwaren in 2016 niet veel. Pas over 2017 is de beweging in dat aantal richtinggevend en kan er dus ook iets over een financieel effect worden gezegd. We zullen uw raad hierover later via de P&C-documenten informeren.

Verruiming lokale belastinggebied

Met de decentralisaties in het sociaal domein die 1 januari 2015 van kracht zijn, is de discussie over een verruiming van het lokale belastinggebied weer actueel geworden.
Het kabinet onderzoekt of en hoe zo’n verruiming vorm en draagvlak zou kunnen krijgen. Een belangrijk argument is dat gemeenten bij een groter eigen belastinggebied een betere afweging zouden maken tussen meer en minder inkomsten en meer of minder gemeentelijke uitgaven.
Het kabinet hanteert voor een eventuele uitbreiding van het lokale belastinggebied twee uitgangspunten:

  1. de uitbreiding mag op totaalniveau geen extra belastingdruk opleveren voor burgers en bedrijven (op het niveau van afzonderlijke categorieën van belastingplichtigen zal dit niet haalbaar zijn);
  2. de uitbreiding moet passen binnen de beoogde herziening van het belastingstelsel die is gericht op vermindering van de belasting van arbeid.

Op dit moment ligt er een bouwstenenennotitie op basis waarvan het volgende kabinet kan besluiten de verruiming van het lokale belastinggebied in te voeren. Indien het wetsvoorstel hiervoor wordt aangenomen (op zijn vroegst in 2018) dan zou dit kunnen betekenen dat de lokale lasten voor alle burgers - en daarmee dus ook voor huurders - zullen toenemen.
Bovendien pakken de eerste inschattingen van de herverdelingseffecten voor de gemeente Rotterdam zeer nadelig uit. Dit komt doordat de inkomsten van de gemeente verschuiven van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds naar inkomsten uit lokale lasten en door het voornemen om een aantal bestaande belastingsoorten af te schaffen, zoals precariobelasting op leidingen en de reclame- en hondenbelasting.
Het college zal de gemeenteraad tijdig informeren over het verloop van de landelijke discussie, de gemeentelijke insteek hierin en de beleidsmatige en financiële gevolgen.

Afschaffing precariobelasting netwerken nutsbedrijven

Na een eerdere aankondiging heeft op 22 juni 2016 minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het wetsvoorstel tot afschaffing van de precariobelasting voor nutsnetwerken bij het parlement die ze in, op en boven gemeentegrond exploiteren, ingediend.

Gemeenten krijgen de tijd om deze vorm van precariobelasting te stoppen. Het kabinet heeft gekozen voor een overgangstermijn van tien jaar zodat daarin de effecten kunnen worden opgevangen van inkomstenderving vanwege het afschaffen van deze vorm van precariobelasting. Verder geldt dat de tarieven 2016 voor deze termijn gelden als maximumtarieven.

De gemeente Rotterdam heft deze belastingsoort. Afschaffing heeft beleidsmatige en significante financiële consequenties voor de begroting, de belastingverordeningen en het lokale lastenbeleid zoals verwoord in de Kadernota Lokale Lasten. Onze verwachting is dat dit wetsvoorstel kan rekenen op een meerderheid in het parlement. Derhalve worden voor 2017, conform het wetsvoorstel, de tarieven van precariobelasting voor nutsbedrijven, ten opzichte van 2016, op hetzelfde niveau gehouden (dus zonder de toepassing van indexering van 0,7%).