Bijstellingen

Aansluiting met voorgaande begroting (saldo na reservering)

2016

2017

2018

2019

2020

Oorspronkelijke begroting

1.842.865

1.817.783

1.783.835

1.777.260

0

Wijzigingen Omissieregeling 2016

-760

-958

-1.002

-996

1.776.264

Bijstellingen voorjaarsnota 2016-2020

4.945

40.119

34.277

18.420

14.123

Bijstellingen huidige begroting (betreft 2017-2020 incl. 2e herziening 2016)

27.234

2.380

5.371

8.192

9.182

Totaal bijgestelde begroting

1.874.284

1.859.324

1.822.482

1.802.877

1.799.569

Bijstellingen programma

2016

2017

2018

2019

2020

Intensiveringen

0

-380

-380

0

0

Ramingsbijstellingen

13.079

1.412

4.498

1.109

2.004

Reserves

-7.894

-1.243

-4.951

-11

-661

Taakmutaties

17.417

3.601

7.074

7.010

6.872

Technische wijzigingen

4.632

-1.010

-869

84

966

Totaal

27.234

2.380

5.371

8.192

9.182

Toelichting intensiveringen
Rente-effect Bestemmingsreserve RECP (€ 0)

De bijstelling van de interne rente heeft effect op de onttrekking RECP(Rotterdam Energy and Climate Programme). Deze is ter dekking van de kapitaalrente.
Als uitwerking van de consequenties van deze renteherziening wordt voorgesteld de onttrekking aan deze reserve bij het product Deelnemingen in de jaren 2017-2018 met € 380 te verlagen en bij Beheer Algemene Middelen vrij te laten vallen ten behoeve van de stelpost Renteherziening.

Verlaging omslagrente (- € 380)

De kapitaalrente voor het Warmtebedrijf wordt vergoed door de bestemmingsreserve RECP, totdat deze reserve leeg is. Vanwege de verlaging van de omslagrente valt een deel van de reserve vrij in 2017 en 2018.

Toelichting ramingsbijstellingen
Belastingen (- € 1,6 mln)

Deze ramingsbijstelling betreft enerzijds een eenmalige dotatie in 2016 ad € 4,1 mln om het faillissement van een grote belastingplichtige volledig af te dekken en lagere opbrengsten hondenbelasting. Anderzijds staan hiertegenover eenmalige hogere opbrengsten OZB-, roerende zaak- en logiesbelasting, alsook een vrijval van een voorziening.

Bijstelling Gemeentefonds (van € 7,9 mln tot € 722)

Gedurende het samenstellen van de Voorjaarsnota 2016-2020 is door het minister van BZK de meicirculaire Gemeentefonds 2016 gepubliceerd. In deze circulaire zijn specifieke en algemene wijzigingen bekend gemaakt. Verwerking vindt plaats in de voorliggende begroting.

Inzichten meicirculaire Gemeentefonds 2016

2016

2017

2018

2019

2020

Specifieke mutaties

          21.825.044

                4.541.113

                7.612.037

                7.305.952

                7.123.455

Specifieke mutaties toegevoegd aan algemene middelen

-2.694.449

                  255.569 *

                  258.933 *

                  262.346 *

                  266.824 *

Toevoegen bodemsanering aan reserve 'taakmutaties Gemeentefonds'

-1.713.701

-1.195.605

-797.070

                 -557.949

                 -518.097

Totaal specifieke mutaties
( A )

          17.416.894

                3.601.077

                7.073.900

                7.010.349

                6.872.182

Ramingsbijstelling Gemeentefonds ( B )

            7.948.097

                1.493.211

                4.580.320

                1.193.055

                  722.464

*BRP-straten: korting voor centrale inschrijving vergunninghouders kan niet binnen bestaande budgetten worden opgevangen.

De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven (de Netto Gecorrigeerde RijksUitgaven (NGRU); ca. 40% van de Rijksuitgaven exclusief de uitgaven voor sociale zekerheid en zorg). Volgens de normeringssystematiek (trap-op-trap- af) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van de algemene uitkering. De jaarlijkse toename of afname van het Gemeentefonds, voortvloeiend uit de normeringssystematiek, wordt het accres genoemd. Tezamen met het opnemen van onder andere het definitieve accres 2015 (eenmalig € 2,4 mln), het niet inzetten van specifieke taakmutaties (2016: € 2,7 mln), vrijval van gereserveerde inflatiecorrectie, aanpassingen van waarden van maatstaven ’ is de bijstelling van de algemene uitkering in alle jaren positief: tussen de € 7,9 mln (2016) en € 0,7 mln (2020).
In Rotterdam wordt nog bezien op welke manier de kosten van de Digitale Agenda (VNG) in 2017 (ca. € 1,45 mln) worden bekostigd. De ambitie van de Digitale Agenda 2020 is standaardiseren waar mogelijk en lokaal maatwerk bieden waar nodig; wat samen kan ook samen doen. De VNG en KING ondersteunen gemeenten vanuit de Digitale Agenda bij het zelf opzetten en uitvoeren van collectieve projecten.   

Bijstelling post Onvoorzien (€ 2,7 mln)

Op concernniveau wordt conform het BBV (Besluit Begroten en Verantwoorden) jaarlijks een stelpost onvoorzien opgenomen. Structureel bedraagt deze voor Rotterdam € 3,6 mln. Aangezien het grootste deel van het jaar nu voorbij is wordt voorgesteld € 2,7 mln van deze post in vrij te laten vallen in 2016. Er resteert dan voor de rest van 2016 nog een post onvoorzien van € 900.

Verlaging omslagrente  (€ 9,0 mln)

De ramingsbijstelling als gevolg van een verlaging van de omslagrente is in de begroting 2017 en meerjarenraming 2018-2020 verwerkt in de begrotingen van de desbetreffende producten. Daarmee kan de opgenomen stelpost bij het product Beheer Algemene Middelen met € 9,0 mln structureel vanaf 2017 worden verlaagd.

Bijstelling Inkoop en uitbestede werkzaamheden (€ 227)

In 2016 worden geen uitgaven op deze post meer verwacht; het nog beschikbare budget kan daardoor vervallen in 2016.

Bijstelling afwikkeling liquidatie Stadsregio (€ 1,8 mln)

In Voorjaarsnota 2016 is rekening gehouden met een aanvulling van € 1 mln op de reeds uitgekeerde afrekening op de liquidatie van de Stadsregio. Op basis van de huidige informatie is het voordeel voor het concern Rotterdam bijgesteld met € 1,8 mln in 2016.

Kapitaallasten IFR en afrondingsverschillen (€ 329)

De rente 2016 voor de overgehevelde budgetten uit de BR Investeringen Rozenburg is slechts deels ingezet bij de producten. Het gedeelte dat is ingezet, kan in 2016 bij het product Beheer Algemene Middelen vrijvallen. Daarnaast zijn er nog stelposten interne rente vervallen.

Vrijval bestemmingsreserve Organisatie- en Frictiekosten (€ 419)

Reeds aangekondigd is deze reserve in 2015 te evalueren en de resultaten van de evaluatie te betrekken bij de afwikkeling van deze reserve. Op grond hiervan wordt nu voorgesteld het saldo van deze reserve in 2016 vrij te laten vallen. De lasten waar deze reserve voor bedoeld was zijn opgenomen in de betreffende productbegroting, waarmee dit op concernniveau budgettair neutraal verloopt.

Bijstelling lasten vennootschapsbelasting (- € 125)

Er wordt incidenteel een hoger resultaat ad € 500 bij Lease verwacht door meer nieuwe leasecontracten en meer ingeleverde auto's. Voor 2016 betekent dit wel naar verwachting een hogere  last vennootschapsbelasting (VpB) van € 125.

Dividendopbrengst (€ 1,4 mln)

De hogere dividendopbrengst in 2020 van € 1,4 mln heeft te maken met de indexatie (procentuele ophoging) van het dividend van het Havenbedrijf.

Invulling verlaging omslagrente (€ 9 mln)

De verlaging van de interne rente bij Voorjaarsnota 2016 is bij de clusters in de begroting verwerkt waarmee de stelpost voor de rentebesparing ingevuld is en dus kan worden tegengeboekt vanaf 2017.

Mutatie toegerekende rente voorzieningen (van- € 81 tot - € 85)

Aan de voorzieningen Pensioenen bestuurders en Pensioenen Gebieden wordt vanaf 2017 rente toegerekend.

Ramingsbijstellingen Leningen en Garanties (€ 0)

De gehanteerde methodiek van het product Lening- en garantieverstrekking is dat dit een 0-product is. Bij het verstrekken van een lening of het verlenen van een garantie wordt voor de dekking van de risico's vanaf 2014 eenmalig een bedrag een bedrag toegevoegd aan de kredietrisicoreserve. De rente die in rekening wordt gebracht wordt verhoogd met een marktconforme opslag en in geval van garantieverstrekking wordt een marktconforme garantiepremie in rekening gebracht. De marktconforme opslag en garantiepremie worden ook toegevoegd aan de kredietrisicoreserve. Deze kredietreserve is ter dekking van de risico's ten aanzien van de verstrekte leningen en garanties, als deze zich voordoen worden deze ten laste van deze reserve gebracht. Jaarlijks wordt bekeken of de omvang van de kredietrisicoreserve voldoende is in relatie tot de risico's.

Overheveling personeel Stadsregio (€ 1,4 mln)

In de afwikkeling van de liquidatie van de Stadsregio is personeel incl. budget overgedragen aan de Gemeente Rotterdam. Deze ramingsbijstelling is incidenteel voor 2016. De lasten zijn ook meerjarig in de begroting verwerkt en komen terug onder technische mutaties.

Toelichting reserves
Overheveling IFR naar Bestemmingsreserve Investeringen Rozenburg (BIR) (€ 0)

In de oorspronkelijke overheveling van de BIR naar het IFR, bedoeld ter dekking van kapitaallasten, is rekening gehouden met een te activeren bedrag van € 44 voor een project. Gebleken is dat dit bedrag niet meer nodig is voor de investering; in overleg met de Gebiedscommissie Rozenburg wordt nu voorgesteld dit bedrag weer toe te voegen aan de BIR en vrij te laten vallen in het IFR.

Bestemmingsreserve Taakmutaties, Citydeal MRDH (€ 0)

In de toegewezen resultaatbestemming 2015 is rekening gehouden met een bedrag van € 200 CItydeal, te verrekenen met de Metropool Rotterdam Den Haag (MRDH). Voor de uitvoering van dit besluit wordt voorgesteld deze € 200 in 2016 te onttrekken aan deze reserve.

Bijstelling bestemmingsreserve Krimp (van € 4,5 mln tot € 0)

Het terugplaatsen van HPK’ers SSR 2005/2010 naar de clusters en de verplaatsing van HPK’ers fsk 1-3 naar cluster W&I wordt voor de periode 2016-2018 budgettair neutraal verwerkt.
Daar de lasten bij het product Van Werk Naar Werk worden gedekt uit de bestemmingsreserve Krimp, is de onttrekking aan deze reserve met hetzelfde bedrag verlaagd. Teneinde budgettair neutrale verwerking op concernniveau te bewerkstelligen wordt voorgesteld de toevoeging aan deze reserve met de daarmee gemoeide bedragen te verlagen (2017-2017), dan wel vrij te laten vallen (2018).

Bijstelling IFR (€ 0)

Bij de voorjaarsnota 2016 is, vooruitlopend op de invulling van het Investeringsvoorstel 2017 op de juiste producten, bij het product Beheer Algemene Middelen een bedrag van € 17 mln in 2017 opgenomen als last en als onttrekking aan het IFR. Nu het investeringsvoorstel ingevuld kan worden op de juiste producten, kan dit weer ongedaan worden gemaakt waarmee de lasten met € 17 mln worden verlaagd. Voorgesteld wordt derhalve de onttrekking aan het IFR eveneens met € 17 mln te verlagen.
Daarnaast is de rente die vergoed wordt over de beginstand van het IFR herberekend en wordt eveneens volledig opgenomen onder de stelpost rente IFR

Actualisatie onttrekking bestemmingsreserve IFR (van - € 335 tot -€ 375).

De verlaging van de omslagrente van 3,5 naar 3% brengt met zich mee dat voor de projecten waarvan de kapitaallasten worden gedekt uit het IFR consequenties voor de concernbrede stelpost heeft. De effecten daarvan worden hiermee verwerkt vanaf 2017.

Actualisatie toevoegingen IFR (van - € 1,1 mln tot € 1,1 mln)

De begrote opbrengst erfpachtconversie wordt in 2016 € 1,1 mln hoger en in 2017 met hetzelfde bedrag lager. De begrote opbrengsten worden toegevoegd aan het IFR. Voorgesteld wordt derhalve de toevoegingen aan het IFR daarmee in overeenstemming te brengen door deze in  2016 met € 1,1 mln te verhogen en in 2017 met € 1,1 mln. te verlagen.

Overheveling Bestemmingsreserve Stelselwijziging Vastgoed naar het IFR (€ 0)

Projecten waarvoor de Bestemmingsreserve Stelselwijziging Vastgoed is aangewezen als dekkingsbron, dienen conform het BBV geactiveerd te worden. Niet voorzien is in dekking in de vorm van kapitaallasten uit deze reserve. Voorgesteld wordt derhalve € 4,2 mln in 2016 vrij te laten vallen in deze reserve en toe te voegen aan het IFR, waarmee de dekking van de kapitaallasten geborgd is.

Resultaat begroting 2016-2020 (van - € 5,2 mln tot - € 3,2 mln)

Voor een evenwichtige begroting is het saldo verrekend met de Algemene reserve.

Verrekening financieringsresultaat met Financieringsreserve (€ 2,7 mln)

Het resultaat vanaf 2017 van het product Financiering wordt verrekend met de Financieringsreserve.

Kredietrisicoreserve (€ 0)

De toevoeging aan de kredietrisicoreserve in 2016 bestaan uit eenmalige stortingen ter afdekking van het kredietrisico bij het verstrekken van leningen of garanties. Op rekeningbasis worden de gerealiseerde renteopslagen en garantiepremies toegevoegd.

Ten opzichte van de begroting 2016 hebben zich nieuwe begrote toevoegingen en onttrekkingen aan de Kredietrisicoreserve plaats gevonden.

Bijstelling onttrekking bestemmingsreserve Krimp (van - € 4,5 mln tot € 0)

In januari 2016 is gestart met de terugplaatsing herplaatsingskandidaten vallend onder de oude Sociaal Statuten. Hiervoor wordt in 2016, 2017 en 2018 budget ter beschikking gesteld vanuit het centrale frictiekostenbudget. Ook wordt de verantwoordelijkheid voor herplaatsingskandidaten fsk 1-3 samengebracht met die voor de garantiebanen en WSW-banen op het product Werk. Beide aanpassingen leiden tot een verlaging van de onttrekking aan de bestemmingsreserve Krimp op het product Van Werk Naar Werk. Deze mutatie is op concernniveau neutraal.

Toevoeging en onttrekking WW budget aan bestemmingsreserve Krimp (van - € 2,3 mln tot - € 85)

In 2015 was de uitstroom van herplaatsingskandidaten lager dan verwacht. Hierdoor lopen de kosten van deze medewerkers langer door dan begroot. Eén van de dekkingsmogelijkheden is de inzet van de verwachte onderbesteding op het budget voor WW lasten (zie ook onder technische mutaties). Door het totale budget voor WW lasten via de bestemmingsreserve Krimp te laten lopen (€ 3 mln per jaar), kan de verwachte onderbesteding ingezet worden voor de hogere kosten over de periode 2016-2018 (€ 7 mln cumulatief).

Onttrekking Bestemmingsreserve Doorontwikkeling Organisatie (€ 750)

Voor 2016 wordt voorzien dat uit dit frictiekostenbudget € 750 besteed zal worden aan arrangementen en out of pocketkosten van transferkandidaten.

Toelichting taakmutaties
Bijstelling taakmutaties Gemeentefonds (van € 17,4 mln tot € 6,9 mln)

De voor specifieke taken toegewezen  wijzigingen van het Gemeentefonds fluctueren in omvang: ca. € 17,4 mln in 2016, ca. € 3,6 mln in 2017 en ca. € 6,9 mln vanaf 2020.
De belangrijkste wijzigingen zijn middelen voor het actieplan Luchtkwaliteit (2016: € 7,8 mln), de suppletieregeling Bommenregeling (2016: € 3,3 mln), de  integratie-uitkering Sociaal Domein (2016: € 5,3 mln, het referendum ‘Oekraïne’ (2016: € 0,4 mln) en de Voorschoolse voorziening peuters (2016: € 0,5 mln).

De lasten van de decentralisatie-uitkeringen Bodemsanering (2016: € 1,7 mln) zijn toegevoegd aan bestemmingsreserve ‘taakmutaties Gemeentefonds’. Op een later tijdstip wordt bezien in welk jaar de daadwerkelijke lasten worden gemaakt.  De inzet van voornamelijk aanvullende middelen voor het Sociaal Domein/WSW (€ 2,7 mln) is niet noodzakelijk. Deze middelen zijn toegevoegd aan de ‘algemene middelen’. Het bestaande budget is toereikend.
Het totaal overzicht van de mutaties Gemeentefonds is opgenomen bij de toelichting ‘ramingsbijstellingen’.

Toelichting technische wijzigingen
Bestedingsanalyse (- € 1,7 mln)

De bestedingsanalyse leidt tot een besparing op inkoop en wordt toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. In de begroting is van deze besparing vanaf  2017 meerjarig € 1,7 mln verwerkt in de programma’s en producten. Hiermee wordt de stelpost binnen dit product meerjarig met hetzelfde bedrag verlaagd.

Actualisering kapitaallasten (van € 39 tot € 6 mln)

De bijkomende effecten van de verlaging van de omslagrente naar 3% zijn centraal op het product Beheer Algemene Middelen verzameld.

Taakmutatie voorgaande jaren (€ 523)

In 2011 heeft ministerie van Economische zaken, Landbouw en Innovatie besloten om de resterende bedragen voor herstructurering bedrijventerreinen uit te keren via het Gemeentefonds. De laatste tranche staat gepland voor 2016. Dit budget is overgeheveld naar Gebiedsontwikkeling, aangezien betaling aan Havenbedrijf van hieruit plaatsvindt.

Formatie van Stadsregio (van € 158 tot € 80)

Van de voormalig Stadsregio zijn 2 fte's overgekomen van wie de lasten in 2016 (€ 158) en 2017 (€ 80) gedekt worden uit de algemene middelen. Daarna drukken de lasten op de producten Stedelijke bereikbaarheid en Ruimte en wonen.

Actualisatie indexering (van - € 227 tot - € 229)

De indexering van het product Parkeren was ten onrechte opgenomen, en wordt hiermee terug gedraaid.

Verlaging omslagrente naar 3% (van - € 9,2 mln tot - € 10,0 mln)

Dit is het gesaldeerde effect op de producten Financiering en Deelnemingen van de verlaging van de omslagrente naar 3%. De aanpassing betreft 2017 en verder.

Terugplaatsen herplaatsingskandidaten SSR 2005/2010 fsk 4+ (van € 2,0 mln tot - € 119)

In januari 2016 is gestart met de terugplaatsing binnen de organisatie van herplaatsingskandidaten vallend onder de oude Sociaal Statuten. De bedoeling is deze medewerkers uiterlijk ultimo 2018 in te passen binnen de bestaande formatie. Om dit mogelijk te maken wordt tijdelijk frictiekostenbudget ter beschikking gesteld (zie ook toelichting Reserves op product Van Werk Naar Werk). De terugplaatsing leidt tot een verlaging van de begrote loonkosten op het product Van Werk Naar Werk.

Verplaatsing budgetten herplaatsingskandidaten fsk 1-3 (van € 2,4 mln tot € 5,2 mln)

In 2016 is besloten om het plaatsen en begeleiden van WSW medewerkers, mensen in een garantiebaan en herplaatsingskandidaten in fsk 1-3 onder te brengen in één organisatieonderdeel binnen het concern. Dit leidt ertoe dat het budget voor herplaatsingskandidaten fsk 1-3 verschoven wordt van het product Van Werk Naar Werk (programma Algemene Middelen) naar het product Werk (programma Werk en Inkomen)

Lage lonen (garantiebanen) (€ 3,0 mln)

Voorgesteld wordt om één organisatieonderdeel binnen het concern verantwoordelijk te maken voor de plaatsing van WSW medewerkers, mensen in een garantiebaan en herplaatsingskandidaten fsk 1-3. Het programma Werk en Inkomen lijkt hiervoor een logische plek aangezien het onderdeel WSW reeds binnen dit programma gepresenteerd wordt.
Vanuit programma Algemene Middelen (product Van Werk naar Werk) wordt voor de jaren 2019 en 2020 € 3,0 mln bijgedragen middels een afroming van de personeelsbudgetten. Deze mutatie is op concernniveau neutraal.

Besteding ten laste van de bestemmingsreserve Doorontwikkeling Organisatie (- € 750 )

Voor 2016 wordt voorzien dat uit dit frictiekostenbudget € 750 besteed zal worden aan arrangementen en out of pocketkosten van transferkandidaten.

Overheveling personeel Stadsregio (van - € 291 tot - € 295)

In de afwikkeling van de liquidatie van de Stadsregio is personeel incl. budget overgedragen aan de Gemeente Rotterdam. Dit leidt tot structureel hogere begrote lasten (ca. € 200 per jaar). De liquidatie baten komen terug onder de ramingsbijstellingen.

Aanpassing begrote WW lasten (van € 2,3 mln tot € 85)

In 2015 was de uitstroom van herplaatsingskandidaten lager dan verwacht. Hierdoor lopen de kosten van deze medewerkers langer door dan begroot. Eén van de dekkingsmogelijkheden is de inzet van de verwachte onderbesteding op het budget voor WW lasten. De verlaging van de begrote lasten voor WW gelden wordt hier zichtbaar. De verhoging van de toevoeging aan de reserve krimp is zichtbaar onder de reserves.

Overige technische wijzigingen (van - € 1,5 mln tot - € 360)

Deze wijzigingen betreffen vooral budgettair neutrale verschuivingen van personele budgetten tussen  producten vanaf 2017.

Generieke doorbelasting overhead (van -€ 300 tot - € 251)

De berekening en totstandkoming van de generieke overhead staat toegelicht in de Uitgangspunten begroting 2017.