Prioriteiten en indicatoren

Prioriteiten
Stedelijk Verkeersplan

In 2016 is het Stedelijk Verkeersplan Rotterdam door het college vastgesteld.

A16 Rotterdam

In 2017 staan de volgende mijlpalen op de agenda, onder regie van het ministerie van I&M:

  • Een onherroepelijk Tracébesluit;
  • Er wordt gestart met de uitwerkingsopgaven, al dan niet in de vorm van inrichtingsplannen, voor Vlinderstrik, Schiebroeksepark en Terbregseveld.
Blankenburgverbinding

In 2017 bereikt de gemeente  onder regie van het ministerie van I&M de volgende mijlpalen:

  • Afronding van het aanbestedingsproces
  • Start van de voorbereidingsfase van de daadwerkelijke uitvoering van de Rijksweg en de aansluitingen daarop.
Dynamisch verkeersmanagement en benutten bestaande netwerk
  • De gemeente vervangt jaarlijks circa 16 van de in totaal 240 verkeerslichtinstallaties in de stad.
  • De gemeente optimaliseert de afstelling van de verkeerslichten. Het doel is om bij vervanging of aanpassing van verkeerslichteninstallaties fietsers en voetgangers meer comfort (meer of vaker groen) en de tram meer prioriteit te geven.
  • De gemeente doet, mede in het kader van het programma ‘Beter Benutten’, mee in de ontwikkeling en realisatie van C-ITS in verkeerslichtinstallaties, waarbij verkeerslichten communiceren met voertuigen en weggebruikers en verkeerslichten slimmer kunnen regelen.
  • De gemeente ontwikkelt ‘tunnelwet-proof’-verkeersmanagement voor de Maastunnel. Daarnaast zet de gemeente in  op monitoring, evaluatie en indien nodig bijsturen van het bereikbaarheids-maatregelenpakket van de Maastunnelafsluiting.
  • De gemeente Rotterdam neemt als praktijkpartner deel aan het onderzoekstraject SURF STAD, waarin kennisinstellingen onder leiding van de TU Delft onderzoek doen naar de ruimtelijke en mobiliteits-effecten van zelf rijdend vervoer (looptijd 2016 – 2020). Daarnaast werkt de gemeente als praktijkpartner mee aan het onderzoek ’de zelf rijdende stad’ van Except, waarin de effecten van zelf rijdend vervoer op de inrichting van de stad worden onderzocht (looptijd 2016). In dit laatste onderzoek worden een aantal case-studies uitgewerkt. Voor Rotterdam zijn  de cases RTHA, P, Kralingse Zoom/Rivium en Oude Noorden van belang.
  • Met andere overheden en bedrijfsleven werkt de gemeente binnen De Verkeersonderneming aan de uitvoering van het programma Beter Benutten. In 2017 starten in het kader van de Marktplaats voor Mobiliteit diverse nieuwe mobiliteitsdiensten  voor bewoners en werkenden in Rotterdam en omgeving. De gemeente voert projecten ter verbetering van fietsvoorzieningen, vervoer over water en enkele OV-stations, waaronder Dijkzigt en Blaak, uit.
  • De gemeente continueert haar deelname aan het samenwerkingsverband BEREIK! Dit  is het samenwerkingsverband tussen Rijkswaterstaat Zuid-Holland, de provincie Zuid-Holland, de Metropool regio Rotterdam Den Haag, gemeente Den Haag, gemeente Rotterdam en Havenbedrijf Rotterdam op het gebied van verkeersmanagement. Gezamenlijke doelstelling van het samenwerkingsverband is het, door de inzet van maatregelen op het gebied van dynamisch verkeersmanagement (DVM), zo lang en gelijkmatig mogelijk rijdend houden van het verkeer op het wegennet in de Zuidvleugel van de Randstad, uitgaande van het bestaande wegennet. BEREIK! zet onder andere in op regionale samenwerking via regioregie (voor afstemming wegwerkzaamheden), het regionaal verkeerskundig team en de regiodesk.
  • De gemeente gaat door met de Verkeersmarinier en de Verkeersregiekamer Rotterdam.
MIRT-onderzoek bereikbaarheid Rotterdam – Den Haag (MIRT: Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport)

De gemeente Rotterdam is samen met het ministerie van I&M, de Metropool regio Rotterdam Den Haag (MRDH), gemeente Den Haag en provincie Zuid-Holland een van de opdrachtgevers van het MIRT–onderzoek bereikbaarheid Rotterdam Den Haag. Dit onderzoek is gestart naar aanleiding de uitkomsten van een update van de Nationale Markt en Capaciteit Analyse (NMCA) uit 2011 waarin bereikbaarheidsknelpunten tot 2028 zijn geconstateerd in dit gebied. Het onderzoek wordt uitgevoerd conform de brede aanpak van bereikbaarheidsopgaven (het programma ‘’Meer bereiken'). Dit betekent onder andere dat de bereikbaarheidsopgave(n) in het gebied in breder perspectief worden benaderd, in samenhang met andere ruimtelijke opgaven in het gebied (mobiliteit, economisch vestigingsklimaat, leef kwaliteit, macro trends).

Toelichting prioriteiten
Stedelijk Verkeersplan Rotterdam

Het Stedelijk Verkeersplan Rotterdam (SVPR) heeft de koers neergezet op welke wijze de mobiliteit en bereikbaarheid zich ontwikkelen op korte en lange termijn. De belangrijkste twee conclusies zijn 1. Het verder doorzetten van de transitie van de mobiliteit door het stimuleren van schoon vervoer en de verder ontwikkeling van de Citylounge in de binnenstad (Coolsingel) en omliggende wijken. 2. Grootschalige infrastructurele ingrepen die bijdragen aan een aantrekkelijk leefomgeving, economische gebiedsontwikkelingen en een gezond woonmilieu. Dit zijn nieuwe oeververbindingen aan de oostkant en westkant van de stad en transformatie van grootschalige bestaande autoinfrastructuur, zoals de Tunneltraverse, Willemsbrug en Maastunnel.  

A16 Rotterdam

De Rotterdamse gemeenteraad heeft de bovenwettelijke inpassingsmaatregelen en bijbehorende financiering vastgesteld. Op basis hiervan zijn de inpassingsovereenkomst en het regionale uitvoeringsprogramma getekend. Met het Tracébesluit van de minister van IenM kan Rotterdam starten met de voorbereiding van de projecten op haar grondgebied voor de inpassing van de weg.

Blankenburgverbinding

Geen bestuurlijke besluitvorming van de gemeente verwacht of noodzakelijk in 2017.

MIRT-onderzoek bereikbaarheid Rotterdam-Den Haag

In september 2015 is het MIRT-onderzoek Bereikbaarheid Rotterdam – Den Haag gestart met een Kwartiermaakfase. In een intensief werkproces zijn onder andere overheden, marktpartijen en andere stakeholders geconsulteerd over de mogelijke problemen en opgaven die men ziet op het gebied van bereikbaarheid die in het MIRT onderzoek betrokken moeten worden. De maakt de opgaven en mogelijke oplossingsrichtingen uit het SVPR via inbreng in het MIRT-onderzoek tot een gedeelde inzet van gemeente, regiopartners en Rijk. Specifieke Rotterdamse ambities om de economische situatie, gezondheid en ruimtelijke kwaliteit van de buitenruimte voor de Rotterdammers te verbeteren en die relatie hebben met bereikbaarheid, zijn aangekaart.

De kwartiermaakfase is eind april 2016 afgerond met het bestuurlijk vaststellen van twee hoofdproducten: Het Resultatenrapport met daarin onder meer de weergave van de inbreng van de verschillende stakeholders en een daarop gebaseerd Plan van Aanpak voor de volgende fase van het onderzoek: de fase van analyse- en oplossingsrichtingen. In deze fase – gestart per 1 mei 2016 - worden alle ingebrachte kwesties uit de kwartiersmakersfase verder geanalyseerd. Waar mogelijk wordt ook gekeken naar oplossingen.  Ook in deze fase worden overheden, bedrijfsleven, belangenorganisaties en andere stakeholders intensief betrokken. Besluitvorming over de afronding van dit onderzoek is voorzien in het BO-MIRT najaar 2017.

Indicatoren

Soort indicator (collegedoelstelling, BBV of overig)

Beschrijving indicator

Nulmeting

Realisatie 2015

Prognose
2016

2017

Naam monitor

Collegetarget: Meer Duurzaam Vervoer

Het fietsgebruik op telpunten rond de binnenstad met minimaal 10% te laten stijgen
(Fietspassages op weekdag per kwartaal op telpunten van en naar de binnenstad)

Mijlpaal

10% per 1/10/2017

Realisatie (incl. peildatum)

Q3
7.090
5.805
9.799
4.899
6.820
8.032
42.445
0,0%

Q4
7.716
6.052
10.167
4.852
6.486
7.646
42.918
1,1%

Q4






Q4






Collegetarget: Meer Duurzaam Vervoer

De verplaatsingen van en naar de binnenstad met bus, tram en metro met minimaal 2% doen stijgen
(In en uitstappers op weekdag per  kwartaal op haltes in de binnenstad)

Mijlpaal

10% per 1/10/2017

Realisatie (incl. peildatum)

Q3
7.090
5.805
9.799
4.899
6.820
8.032
42.445
0,0%

Q4
7.716
6.052
10.167
4.852
6.486
7.646
42.918
1,1%

Q4






Q4






Toelichting indicatoren

Voor het openbaar vervoergebruik is de beoogde target voor 2017 al bereikt, maar het onderdeel fietsgebruik blijft achter bij de verwachtingen (1% groei sinds oktober 2014). Dit onderdeel vraagt dus extra aandacht.
Voor het verhogen van het fietsgebruik is het Fietsplan 2016-2018 opgesteld. De hierin opgenomen maatregelen worden met name de periode 2016 – 2017 uitgevoerd.  Daarnaast is, om het fietsgebruik extra te stimuleren, tijdens in de voorjaarsnota € 2 miljoen vrijgemaakt. Met deze inzet wordt het fietsgebruik door burgers gestimuleerd. Daarbij is het wel belangrijk te realiseren dat de gemeente randvoorwaarden schept om het fietsgebruik te stimuleren. Of de Rotterdammer daadwerkelijk meer gaat fietsen hangt ook van andere factoren af waarop de gemeente minder of geen invloed heeft.