Prioriteiten en indicatoren

  • Uitvoeringsplan gemeentelijke nota Publieke Gezondheid: Rotterdam Vitale stad.
  • Ontwikkelingen rond Bijzonder Resistente Micro-Organismen (BRMO’s).
  • Voorbereidingen op de nieuwe Omgevingswet.
Toelichting prioriteiten
Nota Publieke Gezondheid

Op 28 juni 2016 heeft het college B en W de nota Publieke Gezondheid vastgesteld, de nota volgt de landelijke nota Volksgezondheid die in december 2015 is verschenen. De ambitie van de nieuwe gemeentelijke nota, is om de komende vier jaar (2016-2020) in te zetten op aanjagen, verbinden en waar het gaat om gezondheidsbescherming een rol te nemen als regisseur en uitvoerder. Door de verbinding aan te gaan met de doelstellingen en drijfveren van burgers en partners binnen en buiten de gemeente, kunnen de partijen samen zorgen voor meer gezondheid en vitaliteit in Rotterdam. Dit wil het college terugzien in de gezonde levensverwachting in de stad, leefstijl en luchtkwaliteit. In Rotterdam is de grootste gezondheidswinst te behalen door het stimuleren van gezond gedrag en verbetering van de luchtkwaliteit. Buiten het gezondheidsdomein, maar heel belangrijk voor gezondheidswinst, is het investeren in het opleidingsniveau en de inkomenspositie van Rotterdammers. Rotterdam zet in op: gezond gewicht, voldoende bewegen, niet roken, minder alcoholgebruik, terugdringen van diabetes en depressie, betere luchtkwaliteit en terugdringen van beginnende gehoorschade.  

Uitvoeringsplan Rotterdam Vitale stad

Voor de nota Publieke Gezondheid wordt een uitvoeringsplan gemaakt, waarin de genoemde maatregelen  verder worden uitgewerkt. Ook in 2017 brengt de gemeente deze maatregelen in praktijk.

De gemeente wil de gezondheidswinst realiseren binnen vier actielijnen:

  • Gezondheid in eigen hand: de manier waarop de gemeente bijdraagt aan het eigen initiatief en verantwoordelijkheid van Rotterdammers om gezond en actief te leven. Samen met het Erasmus MC is een centrum voor gezondheidspromotie in ontwikkeling.
  • Preventie prominent in zorg, welzijn en jeugdbeleid: de acties die de samenwerking tussen zorg en welzijn versterken en met afspraken over preventie en zorg aan de voorkant.
  • Veilig en Gezond in de stad: de acties waarmee de gemeente de gezondheid in de stad beschermt.
  • E-Publieke gezondheid en innovatie: de manier waarop de gemeente nieuwe digitale technieken en digitale dienstverlening inzet voor een gezond en actief leven in de stad.
Bijzondere Resistente Micro-organismen

Door veelvuldig gebruik van antibiotica ontstaat er de laatste jaren bij veel, voorheen goed behandelbare, micro-organismen resistentie tegen de meest gangbare behandelmethode. Hierdoor zijn behandelingen complexer of is dit in sommige gevallen zelfs onmogelijk geworden. De gemeente bereidt zich voor op deze ontwikkelingen met de bouw van een digitaal meldpunt waarmee behandelaars uitbraken (van deze bijzondere bacteriën) in hun instelling kunnen aangeven. Door deze meldingen te delen, kan verspreiding vroegtijdig worden gestopt. De bouw van het meldpunt ligt in het verlengde van de landelijke programma waarbij in vijf pilotregio’s zogenoemde zorgnetwerken worden opgebouwd. Deze zorgnetwerken moeten er net als het meldpunt voor zorgen dat door intensieve samenwerking de verspreiding van deze micro-organismen wordt voorkomen. Rotterdam is een van deze regio’s.

Omgevingswet

In 2019 gaat de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet wordt de vierde decentralisatie van het Rijk naar gemeenten genoemd. Met deze nieuwe wet krijgt de gemeente meer beleidsvrijheid bij de ruimtelijke inrichting. Er is meer participatie van burgers en partners in de stad mogelijk en de ruimte in de wet maakt het mogelijk verschillende belangen in een vroeg stadium te kunnen beoordelen. Gezondheid, veiligheid en duurzaamheid zijn de drie pijlers van de omgevingswet. In de voorbereiding op de wet pakken we in Rotterdam in 2017 enkele pilots op waar deze thema’s nadrukkelijk aan de orde zijn. Pilot Lood-in-bodem, pilot Verkeersplan, pilot Milieu Gezondheidsrisico indicator (MGR) en de pilot biologische veiligheid.

Indicatoren

Soort indicator (collegedoelstelling, BBV of overig)

Beschrijving indicator

Nulmeting

Realisatie 2015

Prognose
2016

2017

Naam monitor

100% inspectie op locaties kinderopvang

Mijlpaal

100%

Realisatie (incl. peildatum)

 97,6% (539 inspecties; 2014)

97,7% (547)

100% (560)

aantal meldingen infectieziekten

Mijlpaal

nvt

Realisatie (incl. peildatum)

625 (2014)

676

630

Toelichting indicatoren

Alle locaties kinderopvang moeten elk jaar  te worden geïnspecteerd.
Artsen en laboratoriumhoofden zijn verplicht na vaststelling of bij vermoeden van bepaalde infectieziekten dit te melden aan de GGD Rotterdam-Rijnmond (GGD). Deze heeft dan de taak om de bron van de infectie op te sporen en na te gaan of contacten van de patiënt risico lopen op besmetting. In Nederland is een meldingsplicht voor 43 infectieziekten.

De voortgang op de indicatoren zoals opgenomen in de nota Publieke gezondheid worden in aparte rapportages aan de raad gerapporteerd. De voortgangsbrieven staan  op het raadsinformatiesysteem: www.ris.rotterdam.nl.