Prioriteiten en indicatoren

De gemeente Rotterdam wil de kwaliteit van de leefomgeving verhogen. Vanuit de disciplines lucht, geluid, bodem en externe veiligheid richt het product Milieu zich op een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving.

Prioriteiten
  • Koersnota Milieu
    In de nota zal de gemeente aangeven hoe zij de komende 10 jaar wil werken aan haar milieudoelstellingen.
  • Voorbereiding implementatie Omgevingswet (medio 2019)
    In het kader van de voorbereiding op en de implementatie van de Omgevingswet worden binnen de Rotterdamse organisatie pilots uitgevoerd en de benodigde technische innovaties verkend. Belangrijke onderwerpen zijn de mogelijkheid van gemeenten om te sturen op milieukwaliteit in gebieden, het beheer van de milieugebruiksruimte (met name in het havengebied en waar sprake is van transitie) en goed databeheer (zonebewaking, informatiemanagement, monitoring).
  • Uitvoering Koersnota Lucht, inclusief Milieuzone (met sloop- en stimuleringsregeling)
    De raad heeft de koersnota vastgesteld, een belangrijk onderdeel daarvan is de inrichting van een milieuzone in de binnenstad.
  • Aanpassing Externe Veiligheidsbeleid, Geluid en Bodem
    Een aantal milieudossiers is -ook vooruitlopend op de Omgevingswet- aan een herijking toe. In 2017 worden voorbereidingen getroffen om het Rotterdamse Actieplan Geluid en het groepsrisicobeleid Externe Veiligheid te actualiseren.
Gekwantificeerde doelstellingen

Op het gebied van milieu zijn geen collegedoelstellingen geformuleerd. De Koersnota Schone Lucht bevat wel een tweetal doelstellingen gericht op verminderen van de uitstoot:

  • De concentratie elementair koolstof (EC) als gevolg van de verkeersbijdrage (gemiddeld 0,75 μg/m3) versneld te doen afnemen met 40% in deze collegeperiode (t.o.v. 2014).
  • Het gemeentelijke wagenpark is in 2018 25% ’schoner’.
Toelichting op gekwantificeerde doelstellingen

EC is de beste indicator voor gezondheidseffecten door luchtverontreiniging. Het verloop van de EC-concentratie wordt jaarlijks bezien via metingen en berekeningen. Tegelijk met de jaarlijkse Monitoringsrapportage NSL Rijnmond zal hierover worden gerapporteerd.
De belangrijkste bron van EC binnen het stedelijk gebied is gemotoriseerd verkeer. Naast een samenhangend pakket van maatregelen, gericht op een combinatie van stimuleren (van schoner), sturen (tegengaan van te vies) en faciliteren van alternatieve keuzes (meer fietsen e.d.) heeft de gemeente ook een voorbeeldfunctie. Om die reden is een doelstelling voor het gemeentelijke wagenpark geformuleerd.